Evaluatie van het alcohol- en drugbeleid

Durf evalueren en bijsturen. Door uw alcohol- en drugbeleid regelmatig te evalueren, verneemt u of het beleid resultaten afwerpt. Een goede evaluatie maakt gericht bijsturen mogelijk.

Om te vermijden dat de evaluatie op de lange baan schuift, legt u het best al een timing (en een budget) vast bij de planning van de vormings- en andere beleidsactiviteiten.

Wat evalueren?

Een grondige evaluatie gaat niet alleen in op uw beleid zelf (het ‘product’), maar ook op het volledige proces van de uitwerking, introductie en uitvoering van het beleid.

Productevaluatie

Zijn de beoogde doelstellingen bereikt? In welke mate? Is bijsturing nodig?

Als u eerder realistische en duidelijke doelstellingen heeft geformuleerd, zult u nu merken dat het gemakkelijker is om te achterhalen of de doelstellingen effectief bereikt zijn.

Bij een eventuele bijsturing van het beleid speelt het comité voor preventie en bescherming op het werk een cruciale rol. Het comité is op de hoogte van eventuele ongevallen en incidenten en kan op basis daarvan gericht advies uitbrengen voor een aanpassing van het beleid.

Zijn er andere gevolgen vastgesteld?

Het gaat hier om ‘onverwachte’ gevolgen, zowel positief als negatief. Zo blijkt een duidelijke rolbepaling van de medische en sociale diensten in het kader van het alcohol- en drugbeleid vaak algemeen drempelverlagend te werken. Anderzijds worden de doelstellingen van een alcohol- en drugbeleid soms niet bereikt omdat de link naar een (on)bestaand personeelsbeleid ontbrak.

Wat zijn de financiële kosten en baten?

Een alcohol- en drugbeleid invoeren kost tijd en middelen. Een financieel bilan opmaken is noodzakelijk.

Procesevaluatie

Hoe is het proces verlopen?

Centraal staat de vraag in welke mate de werkgroep tevreden is over de manier waarop de voorbereiding en de uitvoering van het alcohol- en drugbeleid verlopen zijn (bijvoorbeeld de vormingsactiviteiten of een sensibiliseringscampagne).

Eventuele knelpunten en struikelblokken kunnen aandachtspunten zijn bij volgende activiteiten of aanpassingen aan het beleid. Het proces van de werkgroep alcohol- en drugbeleid kan echter ook leerzaam zijn voor andere werkgroepen binnen de organisatie.

Hoe evalueren?

Bevraging van sleutelfiguren

Om het beleid te evalueren kunt u op dezelfde manier te werk gaan als in de beginfase (analyse van de huidige situatie). U kunt dus opnieuw sleutelfiguren bevragen. Dit kan via interviews of met een vragenlijst.

Tip: Stel niet alleen gesloten vragen (bijvoorbeeld: Bent u tevreden over het beleid? Ja/neen), maar ook open vragen (bijvoorbeeld: Waarom bent u tevreden over het beleid?).

Evaluatie met Q-ADO 2.0

Bij de evaluatie kunt u ook Q-ADO 2.0 invullen, de gratis Vragenlijst Alcohol- en Drugbeleid in de Organisatie ontwikkeld door VAD, het Vlaams expertisecentrum Alcohol en andere Drugs.

Vulde u Q-ADO 2.0 eerder al in om na te gaan hoe uw organisatie met de alcohol- en drugthematiek omging? Dan kunt u de nieuwe resultaten vergelijken met uw eerdere antwoorden, de feedback op uw antwoorden en de bijbehorende adviezen. Zo krijgt u meteen een beeld van de impact van het alcohol- en drugbeleid van uw organisatie.

Stel dat u een jaar na de invoering van uw beleid aan de hand van Q-ADO 2.0 wenst na te gaan of het beleid effect heeft. In tegenstelling tot de vorige keer zult u nu de specifieke evaluatievragen aan het einde van de vragenlijst kunnen invullen. U zult echter ook merken dat de vragenlijst een andere invuloefening oplevert. Bij een goed werkend beleid zult u immers veel minder de antwoorden ‘ik weet het niet’ invullen. U zult ook vaststellen dat regels niet alleen gekend zijn, maar ook nageleefd en toegepast worden. Het is dus belangrijk dat u de resultaten van de eerste invuloefening goed bijhoudt.

Wanneer evalueren?

De evaluatie gebeurt het best in twee fasen: eerst het beleidsproces en later pas het beleid zelf.

Evaluatie beleidsproces en gevolgen op korte termijn

Na 3 à 6 maanden

Kort na de invoering van het beleid zullen de respondenten zich vooral het procesmatige aspect herinneren, zoals de werking van de werkgroep.

Mogelijke vragen:

  • Hoe verliep de werking binnen de werkgroep?
  • Zijn de geplande activiteiten uitgevoerd? Waarom (niet)?
  • Wat was de respons van de medewerkers?

Evaluatie van de doelen op lange termijn

Na 1 à 2 jaar

Na een langere periode vergroot de kans op een betrouwbaarder beeld van de langetermijngevolgen van het beleid. Gedrag veranderen kost nu eenmaal tijd, of het nu gaat om werken aan het eigen drugprobleem of wennen aan een nieuw alcoholklimaat. Het heeft dan ook weinig zin om na een half jaar al een aanzienlijke verbetering te verwachten. Bovendien vereist gedragsverandering een organisatieklimaat waarin verandering mogelijk is.

Stel na 1 a 2 jaar dus deze vragen:

  • Welke langetermijndoelen zijn behaald?
  • Wat zijn nu de kosten en baten van het beleid?

Op een transparante manier communiceren over de evaluatie is belangrijk. Dat kan via formele verslagen, maar ook bijvoorbeeld via een artikel in het bedrijfsblad of het intranet.

Na de evaluatie: hou het alcohol- en drugthema levend

De introductie van een alcohol- en drugbeleid vraagt tijd, energie en middelen. Deze extra inspanningen zijn niet elk jaar mogelijk binnen een organisatie. Toch is het essentieel om aandacht te blijven geven aan het alcohol- en drugthema. Het is de beste strategie om resultaten te behalen.

Hoe het alcohol- en drugthema levend houden?

Bestaande structuren en activiteiten binnen uw organisatie bieden heel wat aanknopingspunten:

  • Koppel het alcohol- en drugbeleid aan initiatieven in het kader van het personeelsbeleid.
  • Aandacht voor het thema in opleidingen voor nieuwe medewerkers en in bestaande opleidingen voor leidinggevenden.
  • Alcohol en andere drugs moeten een aandachtspunt blijven in functioneringsgesprekken.
  • Grijp speciale gebeurtenissen in uw organisatie aan om het thema aan bod te brengen. Eindejaarsrecepties of initiatieven inzake veiligheid en gezondheid zijn uitstekende gelegenheden.
  • Zorg ervoor dat het thema regelmatig aan bod komt in de communicatiekanalen van uw organisatie, zoals de personeelsnieuwsbrief of het intranet.